Kijk omhoog ... een torenvalk

 

  

Een mooie roofvogel 

Als je de naam valk of arend hoort, denk je uiteraard onmiddellijk aan roofvogels, en gelijk heb je. Misschioen denk je aan een grote vogel met grote kromme klauwen en een haakvormige snavel die wel een lekker konijntje of nog een grotere prooi lust. En dan heb je wel gelijk wat die kromme klauwen en een haakvormige snavel betreft, maar je moet alles een beetje verkleinen.

De mannelijke torenvalk wordt maar ca 32 cm; en het vrouwtje is met haar 35 cm maar iets groter. Mannetjes herken je gemakkelijk aan de blauwgrijze kop, de rossige rug en de lange, grijze staart met zwarte eindband. Vrouwtjes zijn bruin met gestreepte rug en staart.

Biddende valk

De meeste torenvalken blijven het hele jaar door bij ons en ze horen daardoor tot de standvogels. Op het menu staan kleinere prooien als muizen, vogeltjes, hagedissen, kikkers, regenwormen, grote insecten en hun larven.

Torenvalken jagen boven grasvlakten, parken en velden en steeds vaker zien we ze boven de wegbermen langs autowegen. Je kunt ze gemakkelijk herkennen aan de merkwaardige wijze waarop ze - met de kop in de wind - als het ware stil hangen: "bidden' heet dat. Plots worden de lange, puntige vleugels samengevouwen en stort hij zich shuin voorwaarts op de prooi.

Dankzij een uitstekend zicht kan hij van op grote hoogte kleine prooien opsporen. Met wat geluk kan je deze mooie vogel bekijken als hij zijn jachtterrein overziet van op een telefoonpaal of vanuit een hoge boomtop.

Jongen

Torenvalken bouwen zelf geen nest maar gebruiken oude kraaie - en eksternesten. Soms huizen zij in open nestkasten en broeden zij in kerktorens of andere hoge gebouwen. Zo broeden er zelfs torenvalken op terrassen van moderne woonblokken. Het wijfje legt 4 tot 6 roodbruine, gevlekte eieren en neemt het grootste deel van het broeden voor haar rekening. Na 28 tot 31 dagen kippen de jongen uit. Ze zijn erg hulpeloos en bedelen de hele tijd om eten. Na een viertal weken is het verenkleed voldoende ontwikkeld om op eigen vleugels te gaan leven.

Goed nieuws

Het aantal torenvalken neemt weer toe. Gelukkig gebruiken we tegenwoordig minder zware sproeistoffen in de landbouw. Zo eet de torenvalk geen vergiftigde prooien meer en leggen de vrouwtjes ook geen vergiftigde eieren meer. Sommige boeren laten hun akkers braak liggen. Dat is ook ideaal voor de torenvalken!

Terug

           Roger